De eigenaren en bedrijfsleider van de blowboot in Almere worden niet verder strafrechtelijk vervolgd. De rechtbank in Lelystad heeft het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk verklaard, zodat een strafzaak na ruim twaalf jaar van de baan is. De advocaten van de drie verdachten hadden hier in maart al om gevraagd.

De zaak draait om de hoeveelheid softdrugs die op de blowboot en in een huis werd bewaard. Vanwege de grote vraag werd er op de blowboot en bij een medewerker thuis een extra voorraad gehouden, die steeds naar de boot werd gebracht. In 2008 en opnieuw in 2009 vond de politie bij de eigenaren en medewerker in totaal 130 kilo softdrugs-producten en 11.680 joints.

Justitie maakte hier in 2009 een zaak van, omdat er meer drugs werd verhandeld dan de gedoogvergunning van de gemeente en de Opiumwet toestonden. De rechter oordeelde in 2012 dat de eigenaren en bedrijfsleider niet vervolgd hadden mogen worden.
Het Openbaar Ministerie (OM) ging in hoger beroep. Het gerechtshof Leeuwarden oordeelde in 2014 dat de zaak moest worden overgedaan.
Tussentijds heeft het OM geprobeerd om de zaak te schikken, maar die besprekingen liepen om onduidelijke redenen spaak. Zo kwam het vorige maand alsnog tot een rechtszaak.

De advocaten van de verdachten zeiden destijds al dat hun cliënten niet vervolgd kunnen worden, omdat de zaak inmiddels veel te lang heeft voortgesleept. Met alsnog vervolgen zou een redelijke termijn worden overschreden. Daarom vroegen zij om het OM niet-ontvankelijk te verklaren.

OM toont belang strafzaak onvoldoende aan
De rechtbank deelt dit standpunt. Juridisch is het feit nog niet is verjaard, want die termijn is twaalf jaar en zou pas later dit jaar aflopen. Maar volgens de rechtbank heeft het OM niet kunnen aantonen welk belang er is om het drietal nu nog strafrechtelijk te vervolgen. Indien dat wel zou gebeuren, zou dat in strijd zijn met een redelijke en billijke belangenafweging. De rechtbank verwijst hierbij naar de besprekingen over een schikking, waarvan het doel dus was om de verdachten niet te straffen.

De rechtbank stelt verder dat de maatschappelijke en rechtspolitieke opvattingen over coffeeshops de laatste jaren zijn veranderd. Juist de twee eigenaren nemen op dit moment in Almere onder regie van de overheid deel aan een experiment voor wiethandel. Dit terwijl diezelfde overheid wist dat er nog een rechtszaak tegen de eigenaren liep.

Het Openbaar Ministerie bestudeert de uitspraak en sluit niet uit dat zij in hoger beroep gaat. Het OM heeft twee weken de tijd om hierover te besluiten.

Comments are closed.